Winnen en verliezen

dames1Bij nader onderzoek naar de betekenis van het woord (golf-)competitie, heb ik het volgende gevonden:
• serie (golf-)wedstrijden waarin de deelnemers of verenigingen één of twee keer tegen elkaar uitkomen
• concurrentieproces waarbij individuen en teams elkaar in hun (golf-)bestaan nadelig beïnvloeden
• het beter willen golfen dan de ander
• het willen winnen van een andere golfspeler en/of golfteam

Dat concurreren met een ander, beter willen zijn en willen winnen lijken onze natuurlijke drijfveren om vijf zondagen op een rij competitiespeler te zijn. Golfspelers die niets met ‘winnen’ hebben, schrijven zich namelijk niet in voor een competitie. Die gaan iets leuks doen.

Die hebben wel iets beters te doen dan alles op alles te zetten om maar te winnen. En dat niet alleen…Zij hoeven ook niet te leren omgaan met verliezen.

Competitiespelers weten en voelen dat als je eenmaal op de golfbaan staat, het logisch is dat je graag wil winnen. Dat hoort zo, dat is competitie spelen. En vanzelfsprekend is het ‘jammer’ als je verliest, dat moet je accepteren. ‘Verliespijn’ heet dat.
Het interessante van verliespijn is, dat die op zich nog wel te verdragen is. Uiteindelijk hoef je niet veel meer te doen dan openlijk toegeven en uit je mond persen, dat die ander gewoon een betere golfer was…tenminste vandaag!

Hèèèèèl soms komt het voor dat het niet te verdragen is als de winnaar jou subtiel, onderhuids, tussen neus en lippen door, met een relativerende lach èn laatdunkende knipoog èn een tikkie sarcastische ondertoon, laat weten dat je wel heul errug afgedroogd bent. Dat laatste is voor een competitiespeler niet te pruimen! Verliezen is dan zwaar en eenzaam. Die verliespijn neemt dan ongekende hoogten aan en laat jou ervaren dat je niet alleen de wedstrijd verloren hebt.
Ik hoorde een uitspraak dat de grootste winnaars, de beste verliezers zijn. Dit is een mooi statement. Want dat helpt ons team. We zijn namelijk keien in verliezen en het omgaan met de daarmee gepaard gaande verliespijn en incidentele eenzaamheid. Dat doen we namelijk al 3 weken op een rij. Dat kunnen we ondertussen heel erg goed. We zijn daarin CUM LAUDE geslaagd.

Dat legt dus een voedingsbodem om een grote winnaar te zijn.
Dat is precies wat we volgende week zondag gaan doen; gewoon winnen, gewoon een betere golfspeler zijn en gewoon gezonde concurrentie aangaan. Tja, en wat dan…

Dan zullen wij de verliespijn van onze tegenstanders (lees ‘verliezers’) waardig aanschouwen.
En dan laten we onze tegenstanders (lees ‘verliezers’) in hun waarde en luisteren we naar hun wedstrijdanalyse en geven daar geen waardeoordeel over.
En dan knikken we begripvol en kijken met aangepaste snoet naar die eenzaamheid van het verlies.
En dan bieden we (net) genoeg troost om een constructief aandeel te blijven leveren aan gezamenlijk spelplezier van iedereen.
En dan vertellen we grootmoedig en fijntjes, maar luid genoeg zodat iedereen het kan horen, dat het geluk toch wel aan onze zijde was bij die ene put.
En dan spreken wij bemoedigende woorden tegen de verliezende partij. We zijn tenslotte ervaringsdeskundig.
En dan zullen onze tegenstanders (lees ‘verliezers’) waarderen hoe wij ingetogen en bescheiden onze blijheid tonen.
En dan ervaren we diep van binnen de waarde van deze overwinning, want onze drijfveren zijn geraakt, daar waar we het voor ons allemaal om te doen is.
En dan feliciteren we elkaar (minstens 4x) met een hele dikke knuffel en (onzichtbaar voor de verliezende partij) kijken we elkaar vol trots in de ogen.
En dan knijpen we nog eens nadrukkelijk in elkaars handen ten teken van geluk en bevestiging.
En dan, ja dan zijn wij GROOTSE winnaars.

We kijken er nou al naar uit!

Namens dames 1,
Groetjes, Marij